Uiteindelijk ontstaat er een situatie waarin de leerlingen weten hoe en waarvoor ze het gereedschap gebruiken. Het enthousiasme groeit en ze voelen eigenaarschap over het maakproces. Daardoor durven ze te maken en gebruiken ze hun maakvaardigheden voor het testen van eigen ideeën. Ze maken prototypes of varianten en stellen gericht vragen aan de leerkracht. Voor de leerkracht is er ruimte om deze vragen te beantwoorden en om mee te denken waar nodig. Maar vooral is er ruimte om te observeren. Welke leerlingen bloeien op? En welke leerlingen hebben meer hulp nodig? Zo ontstaat er ruimte voor toegankelijke procesgerichte techniek waardoor leerlingen trots zijn op wat ze maken.
Onze visie
Iedereen kan leren maken. En juist dat besef maakt techniekonderwijs zo waardevol. We geloven dat vertrouwen in het eigen kunnen de basis vormt voor creatieve nieuwsgierigheid en interesse in techniek.
Door kleine, succesvolle maakervaringen op te doen, leren kinderen de mogelijkheden van gereedschap kennen en ervaren ze dat ze zelf dingen kunnen maken. Vanuit die succeservaring ontstaat enthousiasme om verder te ontdekken.
Onze visie
Eigenaarschap:
Kaders:
Na het oefenen van maakvaardigheden kunnen de kaders van de ontwerpopgave worden geïntroduceerd. Denk hierbij aan de afmeting en het soort materiaal, thematische aansluiting en een probleemstelling. Deze kaders laten leerlingen nadenken over hoe ze het gereedschap inzetten om oplossingsgericht eigen ideeën te realiseren. Tijdens het (stapsgewijs) introduceren van de kaders groeit bij leerlingen het eigenaarschap en kunnen ze de technieken steeds beter toepassen in een ontwerpproces. Daardoor verschuift de rol van de leerkracht naar een begeleider die vragen stelt en korte tips geeft.
Maakvaardigheden
Het begin van een techniekprojecten draait om het zorgvuldig en toegankelijk overbrengen van maakvaardigheden. Hierdoor ontstaat bij leerlingen een succeservaring en een intrinsieke motivatie om verder te leren maken. Een leerkracht zorgt voor deze succeservaring via een goed voorbereide maakomgeving en het aanbieden van een maakoefening waarbij leerlingen de techniek mogen ontdekken. Ze mogen op veilige wijze fout maken, worden actief geholpen bij het goed vasthouden van gereedschap en voelen de ruimte om het gereedschap steeds verder onder de knie te krijgen. Tijdens dit eerste deel van het maakproces heeft de leerkracht een actieve ondersteunende rol en voelen leerlingen zich vrij om te oefenen.

Bij MaakWijzer koppelen we basisvaardigheden (zoals snijden, zagen, boren, lijmen of schroeven)aan procesgericht leren. Niet ieder kind maakt hetzelfde, maar ieder kind leert dezelfde techniek. Zo ontstaat ruimte voor eigenaarschap, creativiteit en trots tijdens het technische maakproces. Want: het ontbreken van maakvaardigheden mag niet in de weg staan om je ideeën te verbeelden.
Iedereen kan leren maken – en iedereen verdient de kans om dat te ervaren.
Klaar om techniek in je klas tot leven te brengen?
Meld je aan voor één van onze trainingen!



